Roza – Olivier Willemsen

GEEN GELOOFWAARDIGE FICTIE, WEL VERFRISSEND EN VLOT GESCHREVEN

Olivier Willemsen baseerde zijn tweede boek ROZA op het nog altijd onopgeloste mysterie van het “incident” op de Djatlovpas in het Russische Oeralgebergte dat plaatsvond in de winter van 1959 en waarbij negen jonge ervaren bergbeklimmers (studenten uit Jekaterinenburg) onder raadselachtige omstandigheden gruwelijk om het leven kwamen. Twee vrouwen en zeven mannen. Hun gemiddelde leeftijd ligt vooraan in de twintig, alleen Sasja die later bij de groep is gekomen, is overduidelijk de oudste van het stel. Hij zou de opdracht hebben gekregen om de groep naar de oostflank van de Cholattsjachl te leiden. Een onherbergzaam gebied dat al eeuwenlang het domein is van de Mansen. Allerlei mysterieuze verhalen doen de ronde over dit nomadenvolk. De namen van veel bergtoppen zijn afkomstig van de Mansen. “Otorten” betekent: “Ga daar niet naartoe” en de Cholattsjachl  is: “De berg der lijken”.Het was de goden verzoeken…”, kunnen we nu achteraf concluderen.

Inmiddels zijn er wel vijfendertig theorieën ontwikkeld over wat er gebeurd zou kunnen zijn, maar geen enkele is waterdicht. Men zwijgt er in alle talen over. Het gebied was vele jaren afgesloten. De dossiers en de dagboeken van de groep zijn lange tijd gesloten gebleven. En in hoeverre zijn déze nu zij wel openbaar zijn, betrouwbaar? Zijn het wel alle oorspronkelijke dossiers, enzovoorts? De Russische samenleving is erg gesloten. Zelfs nu bijna zestig jaar later is de angst in Rusland om erover te praten nog steeds voelbaar. Griezelig eigenlijk. Deze mysterieuze gebeurtenis triggerde Olivier Willemsen om er een boek omheen te schrijven.

ROZA = 100% FICTIE

Zijn boek Roza is geen reconstructie maar een nieuw, volkomen fictief verhaal met als context het Djatlov-incident en als fictieve hoofdpersoon Roza. Zij was toen een meisje van twaalf jaar dat deze groep een paar dagen voor hun dood meegemaakt heeft op haar school toen zij over hun aanstaande bergexpeditie kwamen vertellen en daarbij al hun attributen toonden. Een voorbeeldschool “avant la lettre” met praktijkonderwijs in de middagen. Roza is een intelligent, vrolijk, onbezorgd, levenslustig, zeer fantasierijk meisje dat ervan droomt om een beroemd kunstrijdster te worden. Ze heeft natuurlijk een dagboek vol geheimen waarin zij gefantaseerde verhalen schrijft o.a. over de veldslagen die zij met de door haar vader gemaakte houten kleine poppetjes speelt. De meeste poppetjes zijn soldaten net als haar vader, maar er is ook een lange, oude man bij die zij haar vuurtorenwachter noemt en die waakt over haar. Heel aparte fantasie!

Helemaal in de wolken is Roza als ze de groep en de klas mag vertellen wat ze (van haar vader) weet van bergtoerisme. Ze raakt bijzonder onder de indruk van Zina, een van de twee vrouwen in de groep, een lange vrouw met prachtig zwart krullend haar. Na haar spreekbeurt wordt ze ineens heel angstig, moet zelfs huilen omdat ze denkt aan een gesprek dat ze niet had mogen horen tussen haar vader en een onbekende man en ze smeekt Zina niet te gaan, naar Otorten. Zina belooft voorzichtig te zijn en geeft haar als aandenken een steentje van blauw angeliet.

Het was te verwachten en uit de geschiedschrijving weten we het: er gebeuren vreselijke en schokkende dingen…

De fictieve levensgeschiedenis van Roza Andreja Onilova, wordt verteld in vier delen vanuit vier verschillende perspectieven. Een meerwaarde voor het boek. Het zijn verschillende punten in de tijdlijn van Roza. Zij vertellen haar geschiedenis vanaf haar jeugd tot aan het eind van haar leven (ze was ca. 70 jaar en dementerend) en nog een korte tijd daarna.

Deel I Roza.  

Opmerkelijk is dat Roza (zoals later blijkt – blz 155 en volgende), hier als dementerende 70-jarige vertelt over haar redelijk onbezorgde jeugd met een vreemd broertje (Oleg) dat kippenpoep eet, een vader die veel weg is en een bezorgde, zorgzame moeder. En daarna heel gedetailleerd over haar vlucht met Boris, de slagerszoon op wie zij verliefd was. Ze vertelt uitgebreid over de avonturen die ze meemaakten, over hun angsten e.d. “Door wie werden zij achtervolgd?” vraag je je als lezer wel af.

Op mij kwam ze over als een meisje met te veel fantasie. Onbetrouwbaar dus. En dan is er de cliffhanger aan het eind van deel I. Zie citaat blz. 118 – laatste zin: “Vanaf het moment dat de boot puffend de haven verliet, keken Boris en ik vanuit een patrijspoortje naar de golfkoppen en de meeuwen die met ons meevlogen, tot ik opeens een sleutel in het slot van de deur hoorde steken.”

Deel II – Cape Point Light

Roza is het eerste “lijk” dat door Langlois, de vuurtorenwachter (!) uit de branding wordt gehaald. Maar wie was aan het eind van deel 2 het tweede slachtoffer? Was dat misschien Boris?   

Citaat blz. 135 – einde deel II: “In de branding deinde een naakt lichaam. Langlois trok het aan de armen uit zee en draaide het om”. We zullen nooit weten of het een bekende was.

Zelfs vuurtorenwachter Langlois die in dit deel voor enige opheldering lijkt te kunnen zorgen, werpt toch onvoldoende licht op deze zaak. Het blijft mistig. Wat is er gebeurd met Roza sinds haar vlucht uit Serov samen met Boris? Je vertrekt met een boot uit Rusland en je spoelt aan in Amerika, hoe kan dat? In haar hand had Roza nog het steentje van angeliet geklemd! Hoe kan dit als je je bewustzijn hebt verloren? In hoeverre is dit avontuurlijke, bijna sprookjesachtige verhaal betrouwbaar? Helaas ook weer een blijvende cliffhanger

Deel III – Coos Bay

Het derde deel gaat over een onderzoeker (de auteur zelf?) die op werkbezoek in Jekaterinenburg van het gebeuren op de Djatlovpas hoort en vervolgens in aanraking komt met iemand die een zoon van Roza zou kunnen zijn. Hij vliegt naar de States naar hem toe en samen brengen ze een bezoek aan Roza in het verzorgingstehuis. Ze lijkt alles nog heel goed te weten over vroeger!

Maar de vraag blijft: “Wie is wie?” Is Albert wel de zoon van Roza? En wie is zijn vader? Langlois toch niet?

 

Deel IV – Albert

In dit deel gaat de onderzoeker uit deel III samen met Albert (de vermoedelijke (zeer welgestelde) zoon van Roza) naar de geboorteplaats van Roza: Serov. Je hoopt op een soort ontknoping. Ze ontmoeten een oude man met een muntenkistje. Hij zou het gezin van Roza gekend hebben… Hij heeft een kistje met spulletjes die eerder door Roza zijn beschreven. Maar hoe geloofwaardig is zijn verhaal? Had Roza geen broertje, maar wel een hond?

Opnieuw constateer ik. Wat is feit, wat is fictie. NIETS IS WAT HET LIJKT.

DE SCHRIJFSTIJL –  Olivier Willemsen schrijft GOED. In eenvoudige bewoordingen, weet hij mooie beelden op te roepen. En hij gebruikt treffende metaforen. En een echte verdienste van de schrijver: je blijft lezen!  Er is toch een bepaalde mate van spanning.

Mooie metafoor: “Halverwege de brug hing de dronken bedelaar van het treinstation als een achtergelaten jas over de leuning.” 

 

GEEN GELOOFWAARDIGE FICTIE, MAAR VERFRISSEND EN VLOT GESCHREVEN

Ik ben echt lovend over zijn schrijfstijl, maar elke keer opnieuw word je als lezer in de maling genomen. Je denkt het raadsel te kunnen achterhalen en dan blijkt dat het weer anders is, en op de volgende bladzijde is het weer anders. Het vierde hoofdstuk was het toppunt van misleiding en ongeloofwaardigheid. Exact zo zal het ook geweest zijn ten tijde van het incident op de Djatlovpas. Alle 35 mogelijke scenario’s kunnen de prullenbak in. Men doet en deed er angstig het zwijgen toe. Er lijkt geen waarheid te mogen zijn.

VIER STERREN.

Over dit boek heb ik een Hebban-leesclub mogen coördineren. Lees mijn eindverslag op https://www.hebban.nl/spot/leesclub-roza/nieuws/schrijf-je-recensie-45

Een hele fijne ervaring!

Print Friendly, PDF & Email