Niks – Koen Gubbels

 NIKS   –   KOEN GUBBELS  –  Uitgeverij Ambo / Anthos

“Leef gevaarlijk!”

In de Hebban-leesclub hebben we ons voortdurend afgevraagd: Valt “Niks” nu volgens de uitgever in de categorie ‘thriller’ of is het toch een ‘spannende roman’, zoals de schrijver prefereert? 

Zou de roman spannender zijn geworden als de schrijver zijn boek toch zou hebben laten beginnen “in medias res” zoals hij zelf aangaf bij de beantwoording van de vragen die wij hem als lezer konden stellen en waar hij steeds openhartig antwoord opgaf. Compliment daarvoor!  Ik citeer een deel van het antwoord van Koen Gubbels: Ik ben eerlijk gezegd midden in het verhaal begonnen. De eerste scène was de scène dat hij wakker wordt op die tafel met een snee in zijn buik. Dat vond ik een mooi sinister gegeven. Vervolgens ging ik me afvragen ‘hoe komt iemand daar?’ Stukje bij beetje ben ik toen het verhaal in elkaar gaan passen. Ik schreef nieuwe scènes, werkte me in de nesten en schreef dan weer nieuwe scènes om me daar uit te redden. Weinig vooropgezette structuur dus. (…)” 

Persoonlijk denk ik dat deze opbouw de roman zeker niet spannender zou hebben gemaakt. Uiteindelijk is de structuur (onbewust dus kennelijk) geworden volgens de regels van de klassieke tragedie in vijf bedrijven.
1. De beginsituatie – Nik voelt zich uiterst belabberd
2. De handeling begint. Er komt actie. Nik ziet een lichtpunt om zijn leven een positieve wending te geven.
3. Het “hoogtepunt”: hier de diepe crisis. Hoe komt Nik hier levend uit…?
4. De ommekeer: uit onverwachte hoek komt de redding.
5. De ontknoping: hier de epiloog. Het trieste einde. 

Was het voor mij een spannend boek? Nee. Waarschijnlijk door de volgende redenen.

  1. Het ik-vertelperspectief dat bij de hoofdpersoon, Nik Speelman ligt. We weten steeds meer over zijn jeugd, zijn aanvankelijk succesvol zakenleven, zijn relaties, gezin en andere familieleden. Maar wat denken deze anderen echt over hem? Welke complotten worden er om hem heen gesmeed? Het zou fijn zijn geweest te kunnen lezen hoe het net van georganiseerde misdaad rondom de orgaanhandel waarin Nik verstrikt raakt hem ook steeds meer verstikt en vooral als bij de ontknoping was gebleken dat één van zijn vertrouwelingen aan het hoofd van dit misdaadimperium had gestaan….. Nee, dit ik-perspectief roept bij mij geen sympathie op voor Nik Speelman. Hij laat met zich “spelen”. Een goed gekozen naam, overigens.
  2. Wel heb ik de humor bewonderd in dit boek. Bijna op iedere bladzijde zijn grappige woordspelingen, leuke nieuwe woorden e.d. te vinden. Ik zal het woord “lijfwacht” door de uitleg in “Niks” nooit meer anders begrijpen. Maar, volgens mij zwakt humor juist de spanning af….
  3. Er was dus geen sprake van spanning. Op het juiste moment zijn daar steeds weer Jiang en Ed. Ik vroeg me steeds af waar blijven ze ….? En ze zijn er ook nog tot het laatste moment. Tot zijn laatste verjaardag. De epiloog is heel mooi geschreven. Prachtige woordkeuze van Nik. Toch had de epiloog ook weggelaten mogen worden. Zo voorspelbaar hoe de afloop is. “Het bankje in Hongkong en de wegrennende mannen” had wat mij betreft het einde mogen zijn. Ik zou hebben gekozen voor een open einde. Zou veel spannender geweest zijn…
  4. Dan de rol van de vrouw in deze roman. De “vrouw” komt er in Niks erg bekaaid af. Men ziet in eerste instantie haar fysieke talenten en intellectuele kwaliteiten zijn nauwelijks aan de orde. Jiang mag even het grote brein spelen, de invloedrijke vrouw, iemand waar men rekening mee moet houden… Maar in de epiloog lezen we dat uiteindelijk ook zij bestemd is voor het moederschap en niets meer dan dat. Zelf had ik graag gezien dat er een machtige vrouw aan het hoofd had gestaan van deze lucratieve, mysterieuze orgaanhandel. Jiang bijvoorbeeld. Zij werkt liever met mannen laat Gubbels haar zeggen… Brr. Ook de ex van Nik speelt alleen maar de rol van de vrouw en ook nog de begripvolle ex-echtgenote die Nik liefdevol weer op neemt, na eerder een gigantisch bedrag voor hem betaald te hebben. Welke vrouw doet dit voor haar ex? Ook op dit punt had er meer in gezeten.

Ben ik nu zo teleurgesteld in dit boek? Nee. Eigenlijk niet. Aanvankelijk gaf ik drie sterren, maar na ampel beraad met mezelf heb ik toch vier sterren gegeven.

Ik had vooral bewondering voor de luchtige, humoristische manier van schrijven. Meestal lees ik een boek tweemaal voor een recensie en dan blijkt steevast dat er weer andere facetten naar boven komen. Je leest dingen waar je aanvankelijk over heen had gelezen en ja, je bewondering wordt meestal groter voor de uitwerking van het plot, voor de grondgedachte en dan kom ik terug bij de titel van mijn recensie “Leef gevaarlijk!”.

Al aan het begin van het boek (blz. 37) werd ik namelijk gegrepen door de verwijzing die de schrijver maakt naar het sleutelwerk van Friedrich Nietzsche (volgens Koen G.): “De vrolijke wetenschap” en daaruit aforisme 283 citeert: “Leef gevaarlijk!”. De pocket die Nik, de hoofdpersoon, overal mee naar toe neemt. Koen Gubbels werkt dat “Leef gevaarlijk!” in “Nik” echt goed uit. Dit aforisme is eigenlijk de beweegreden geweest voor Nik om met HongZhang zaken te gaan doen. Aan het eind van dit hoofdstuk (blz. 38) beschrijft hij het tekeningetje dat bij aforisme 283 in zijn pocket staat: “Een knullig huisje in Bic-pen blauw dat op een kraterrand balanceert. Naast het huis staat een mannetje. Hij houdt een hand boven zijn ogen en tuurt het dal in. In het dal is niets te zien.” Als dit geen vooruitwijzing is….

Vervolgens hebben we het hele boek om te lezen dat Nik helaas Niks is gebleven en min of meer gelijk is aan het begin van het verhaal. De cirkel is rond. In de epiloog wordt dit bevestigd door Liesbeth, de verpleegster, die elke week de reactie van Nik op prikkels test. Blz. 270: “Bij elke handeling zet ze een kruisje op een kaart. “Niks”, zegt ze mat terwijl ze de boel weer inpakt.”

Vier sterren. Verdiend!

Wil

Print Friendly

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *